background image
majesteit, die alle harten ontstelde, met de stem van
het eeuwige Woord: “Ja, Ik ben het! Gij zegt het! En
Ik zeg u: Voortaan zult gij de Zoon des mensen zien
zitten aan de rechterhand van de goddelijke
Majesteit en Hem zien komen op de wolken des
hemels.”
Onder deze woorden zag ik Jezus doorstraald van licht: de
hemel was boven Hem geopend en daarin zag ik
onuitsprekelijk samengevat of voorgesteld het volgende.
Ik zag de almachtige Vader en meteen ook de engelen en
gebeden van de rechtvaardigen, als baden en smeekten zij
voor Jezus. Ik zag alsof de Godheid van Jezus uit de Vader en
uit Jezus tegelijk sprak: “Indien Ik lijden kon, zou Ik
gaarne lijden. Daar Ik dit niet kan en barmhartig ben,
heb Ik de menselijke natuur aangenomen in de Zoon,
opdat de Zoon des mensen lijde, want Ik ben ook
Fascikel 30
228